Ouderlijk gezag dat door slechts één ouder wordt uitgeoefend na een rechterlijke beslissing.

Eenhoofdig gezag houdt in dat slechts één ouder het ouderlijk gezag over het kind uitoefent. Na echtscheiding blijft in beginsel het gezamenlijk gezag bestaan. De rechter kan op verzoek van een ouder bepalen dat het gezag aan één ouder toekomt als er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem raakt tussen de ouders, of als wijziging anderszins in het belang van het kind noodzakelijk is. Eenhoofdig gezag wordt slechts bij uitzondering toegewezen.

De rechter wees het verzoek om eenhoofdig gezag toe vanwege de ernstige communicatieproblemen.

Bron: Art. 1:251a BW

Hulp nodig bij uw scheiding?

Plan een gratis adviesgesprek met een van onze familierecht-specialisten. Wij spreken uw taal.